Bible·textarchiv

“Toen Judas, de verrader, zag dat Jezus ter dood was veroordeeld, kreeg hij berouw. Hij vond het verschrikkelijk wat hij had gedaan. Meteen ging hij het geld naar de leidende priesters en de andere leden van de Hoge Raad terugbrengen.”

Matthew 27:3 - Het Boek

Open in chapter view
Translations